Arturo & Wilma

Arturo & Wilma

Pleegouders Arturo en Wilma moesten ontzettend wennen: “Opeens heb je een kleuter in huis”

Arturo en Wilma zijn de pleegouders van Wesley (22) en Makbule (19). Nadat ze een periode verschillende weekendpleegkinderen opvingen, kozen ze voor langdurige pleegzorg. En dat was behoorlijk wennen voor de kersverse pleegouders. Na drie pleegkinderen weten ze: ‘Uiteindelijk komt er uit een kind wat erin zit. Door structuur, een stabiele thuissituatie en een gewone omgeving geef je een kind de kans om dat te ontwikkelen.

 

Arturo: ‘Het was ontzettend wennen. Opeens heb je een kleuter van 5 jaar in huis. Geen baby die je ziet opgroeien, maar een kant-en-klaar kind. Met een eigen mening en karakter. Dat is gek, je moet elkaar echt leren kennen.’ Wilma vult hem aan: ‘Wij moesten ons aanpassen, maar de grootste aanpassing lag bij Wes. Hij kwam in een huis dat anders rook, spullen die anders waren, een kamertje dat anders was. Dat is een ontzettende overgang. Ik vond het vreselijk om te horen, maar de buurvrouw vertelde me na een week dat ze Wesley ’s avonds in zijn bedje hoorde huilen. Ik hoorde dat niet en ik stond er ook niet bij stil. We hebben meteen maar een babyfoon gekocht.’

Arturo & Wilma horizontaal

Arturo: ‘We vinden het voor alledrie onze pleegkinderen erg belangrijk dat ze contact hebben met hun ouders. Wes heeft het geluk dat zijn moeder het eens was met de plaatsing. Ze besefte dat ze hem niet alleen kon opvoeden. Hij had daardoor een soort toestemming van zijn moeder; dat maakt het voor een kind een stuk makkelijker.’

 

Wilma: ‘We hebben bewust gekozen voor pleegzorg in plaats van adoptie. Als je een kind adopteert, wis je als het ware zijn of haar verleden. Het mooie van pleegzorg is dat een kind ziet wie zijn ouders zijn, daar een band mee kan opbouwen en onderhouden. Hoe moeilijk dat soms ook is. We zijn altijd eerlijk geweest over wat er aan de hand was en we hebben hem uitgelegd dat wij een soort verlengde zijn van zijn gezin. Wesley wilde als klein jongetje het liefst dat we met z’n allen in een groot huis konden wonen.’

We vinden het voor alledrie onze pleegkinderen erg belangrijk dat ze contact hebben met hun ouders

Arturo en Wilma vinden dat je als pleegouder moet waken voor het stempel ‘zielig’ of ‘moeilijk’, dat een pleegkind vaak krijgt. Wilma: ‘Als ik op school vertelde dat onze kinderen pleegkind waren, vonden mensen dat sneu, of lastig, of gedoe. Van dat stempeltje moet je zo snel mogelijk af, want dat genereert verkeerde aandacht.’ Arturo: ‘Wesley zat op een speciale basisschool toen hij bij ons kwam. Hij zat in de klas bij kinderen met gedragsproblemen en dat kopieerde hij. Maar als hij hier op straat speelde met zijn vriendjes zagen we een hele andere Wes. We hebben hem op een gewone basisschool geplaatst hier in de buurt en dat is hartstikke goed gegaan. Voor Makbule geldt hetzelfde. Zij heeft tot groep vijf speciaal basisonderwijs gehad en doet nu een hbo-opleiding. Uiteindelijk komt er uit het kind wat erin zit. Door structuur, een stabiele thuissituatie en een gewone omgeving geef je een kind de kans om dat te ontwikkelen.’ Wilma: ‘Een pleegkind komt niet schadevrij. Het feit dat je bij je ouders bent weggehaald, is een trauma. Daar moet je je van bewust zijn als pleegouder. Maar tegelijk: het blijven wél gewoon kinderen. Die met vallen en opstaan opgroeien tot een mooie volwassene. Ik vind het zo goed hoe Wes het allemaal redt. Het kost hem soms moeite, maar hij doet het toch maar. Het is een mooie kerel geworden.’

Help ons met het zoeken naar pleegouders

Door dit verhaal te delen, krijgen meer potentiële pleegouders het te zien.

Meer weten over pleegouderschap?

Bestel gratis en vrijblijvend een informatiepakket.